Inhoud van de pagina-->

Peter De Koninck

H-Art  #78

Peter De Koninck op drie toonplekken in Antwerpen

VAN MONUMENTALISME NAAR MODERNISME

Met tentoonstellingen in Museum Plantin-Moretus, galerie het Vijfde Huis en het districtshuis in Hoboken is kunstenaar Peter De Koninck (°1963) nadrukkelijk aanwezig in het Antwerpse: hij toont er grafisch werk, tekeningen en schilderijen. Dat mag ook, want het werk is redelijk indrukwekkend qua uitstraling. En er zit een opmerkelijke evolutie in:van `zware' grafiek en etsen naar lichtere tekeningen en schilderijen.

Nacht_Nebel In het Museum Plantin-Moretus is zijn bekendste werk te zien, oudere en nieuwe kleuretsen, meestal op groot formaat. Ouder werk, en nog nooit publiek getoond, is het drieluik `Jedem das sein', met beelden van Auschwitz en van de stulpjes van Hitler en Speer in spiegelbeeld, ironisch opgesmukt met laagjes goud en brons. Monumentaal zijn de oudere reeksen `Eurazië' en 'Finis Germaniae', waarvan vooral het werk 'Nacht und Nebel' sterk overeind blijft.
De grote kleuretsen zijn dan ook uitgebeid bewerkt, met een eerste etsplaat waarop kleur aangebracht wordt, vervolgens een tweede plaat waarop De Koninck verder werkt met bitumenvernis en waarbij hij als een schilder dikkere en dunnere lijnen aanbrengt, en tenslotte, nadat het zuur ingebeten is, nog een derde plaat.
Inhoudelijk gaat het op die grote etsen om een evocatie van architectuur, monumentaliteit en dieptewerking, gepaard gaande met een onmiskenbare melancholie naar een vervlogen tijdperk en tegelijk het besef van dreiging, als zo'n monumentaliteit ideologisch misbruikt wordt. Die haast dubbelzinnige sfeer zit ook in het werk `Station Milaan' (2004), een gebouw dat stamt uit de tijd van de fascistische Italiaanse architectuur. 'Cathedral', de immense binnenruimte met stalen constructies van een Noord-Franse fabriek, gaat dan weer helemaal voor de monumentale impressie.
Maar, zegt De Koninck, "etsen is een zegen en een vloek tegelijk. Zeker op die grote formaten is het zwaar werk. Daarom ben ik sinds enige tijd weer meer gaan tekenen en schilderen." Dat resultaat is te zien in Hoboken (vooral schilderijen) en Het Vijfde Huis (vooral tekeningen). In het Vijfde Huis zijn grote tekeningen met krijt en acryl te zien rond het thema `The Museum' (waarbij De Koninck ironische voorstellen doet voor de architectuur van een nieuwe, monumentale museumsite), naast kleiner werk in Pierre noire en acryl, rond modernistische woningen.The Museum

Ik merkte dat je voor die modernistische gebouwen veel van maquette werkte. Is er dan geen enkel echt uitgevoerd?

Peter De Koninck: "Dat is het net. Ik heb me vooral gebaseerd op fotomateriaal van huizen die in 80 procent van de gevallen niet gebouwd werden. Het gaat om ontwerpen van bekende architecten als Adolf Loos, Le Corbusier en anderen. Het huis 'Josephine's Dream' van Loos of `La maison d'artiste' van Le Corbusier werden nooit gebouwd. Le Corbusier was veel met urbanisme bezig, maar ook met dromen en projecten van huizen, soms voor de gewone man, maar hier voor kunstenaars: boven in het dak was een raam voorzien om daglicht te laten binnenvallen in het atelier, beneden was er een simpele woonruime. Dat huis kon meteen dienen voor alle kunstenaars, zo vond Le Corbusier. Ik heb het overigens twee keer getekend, telkens op een andere manier: een keer apart, een andere keer in een andere, grote ruimte, zodat je kon zien dat het een maquette in een bestaande ruimte was. Dat is het prettige aan tekenen: je kan de zogeheten realiteit vorm geven zoals je wil."


Je werk is blijkbaar verschoven van het monumentale naar het modernistische.

De Koninck: "Dat heeft een simpele reden. Vooral in mijn schilderijen, die je in Hoboken kan zien, kies ik voor die modernistische gebouwen, omdat ze in mijn etswerk niet `pakten'. Tot drie keer toe heb ik het geprobeerd in grote etsen, maar het lukte niet. In tegenstelling met de monumentale gebouwen van vroeger kreeg ik ze niet op een boeiende plastische manier verwerkt. Als ik die modernistische gebouwen teken of schilder, lukt het wel. Gelukkig maar, want ik heb altijd van die architectuurstijl gehouden. Ik heb nu een manier gevonden om ze goed weer te geven."

Je werkt in je tekeningen met acryl, in je schilderijen met olieverf. Waarom die keuze?

De Koninck: "Schilderen met olieverf is de meest klassieke manier. Ik ben er eigenlijk een dilettant in. Ik toon de schilderijen dan ook met enige schroom, maar de laatste twee jaren durf ik het wel aan. Met grafiek en etswerk durf ik veel meer, dat zit me echt in het bloed. Ik ben er ook voor opgeleid. Schilderen doe ik heel nauwkeurig, maar de laatste tijd, zeker via die tekeningen hier, begin ik los te komen. En ik kan nu ook meer kleur in mijn werk brengen. Daar wil ik zeker verder mee gaan."

recensie; Marc Ruyters - H-Art nr 78/2011

Copyright © 2012 - Galerie Het Vijfde huis. All rights reserved.